Posts tonen met het label dagbouw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dagbouw. Alle posts tonen

woensdag 6 maart 2019

In de tijd vóór de grote bruinkoolgroeven Bevor den Grosstagebaue

Na een kort intro uit een latere bruinkoolgroeve zien we - onder onderstaande link - hier hoe het vroeger in de bruinkoolwinning Frechen er aan toe ging
Nach einem kurzen Intro aus einen spätere Tagebau, sehen wir - unter unterstehende Link - wie es damals war im Braunkohlegrube Frechen

Vroeger in de groeve Frechen Damals im Tgb Frechen


zaterdag 29 april 2017

De eerste graafmachines met scheprad (Schaufelradbagger) van eind 19e begin 20e eeuw


Ing. Anne-Marie Oudejans
Nadat de Romeinen met hun tympanum (Blog  https://bruinkool.blogspot.nl/2016/04/de-romeinse-tympanum-als-verre.html     en Leonardo Da Vinci (Blog  https://bruinkool.blogspot.nl/2016/03/voorlopers-van-de-huidige-graafreuzen.html    de eerste voorlopers van de graafmachines met een graafwiel of ‘scheprad’ (Schaufelradbagger)  hadden ontworpen, volgden met vallen en opstaan nog vele verdere ontwerppogingen . De eerste machines hadden hun graafwiel of ‘scheprad’  in het hart van de machine, waarbij  het ontgraven materiaal direct op de kant werd gestort. Hierdoor kon er met zo’n machine  alleen maar sleuven worden gegraven.  Uiteindelijk kwamen pas na de uitvinding van de stoommachine de ontwikkelingen van het scheprad (Schaufelrad) pas echt op gang.


Graafarm (Radausleger)
In Amerika verkreeg Christian Smith in 1881 patent (US 242 484) op een schepradgraafmachine met een graafarm.   De graafarm had  twee graafwielen met elk 4 graafemmers. Onder de graafarm, tussen de twee graafwielen,  liep  een lopende (afvoer)band. Via stortkokers viel het materiaal uit de graafemmers zijwaarts op de lopende band.          



Smith’s  stelsel van graafarm en lopende band kon niet alleen omhoog worden gehesen of omlaag worden gelaten maar was daarnaast ook (horizontaal)  draaibaar. Het geheel werd door stoom aangedreven en was op rails worden verplaatsbaar.  Op deze manier kon men met deze machine veel grotere oppervlakten en veel dikkere lagen grond afgraven en was de toepassing niet langer beperkt tot alleen  gleuven.

Problematiek bij het legen van de scheppen
Bij de (zijdelingse) afvoer via stortkokers van afgegraven materiaal vanuit het scheprad naar de lopende band bleek er teveel grond naast de lopende band te vallen. Verschillende uitvinders trachtten  ( US 287 563, Morton,  FR 387 439 Glockner) )  dit verlies te verminderen  door de afvoer uit het scheprad naar de lopende band niet zijdelings maar via een helling direct achter en onder het rad te laten gebeuren. Morton wilde daarbij de verliezen extra verder verkleinen door de scheppen te voorzien van automatisch intrekbare randen, hetgeen door de complexiteit en de slijtagegevoeligheid eveneens onvoldoende soulaas bracht.
   
Via verschillende uitvoeringen zelfs één met een scheprad  voor een emmerketting (S.J.  Loyd en A.R. Grossmidt)en één met het rad haaks op de transportband (US 533 376 Albert Roll) , kwam in 1913 George Eugene Schwandner (DE 271 118)  met een graafmachine met scheprad, waarbij het afgegraven materiaal weer zijdelings  uit de schep direct op de transportband kwam. De as van zijn graafwiel viel samen met de  as aan de ene kant van de lopende band. Verder had het wiel zelf voor elk van de vier scheppen  inwendig een schuine kant  van de schep naar de lopende band toe. , Deze machine luidde de uiteindelijk de vormgeving van de huidige graafwielmachines  met scheprad in.


zaterdag 7 januari 2017

Kunnen wij ons dit heden ten dage nog voorstellen?

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Ook al wordt bruinkool vaak  in dagbouw wordt gewonnen en gaat de blog dit keer hier niet over



Maar toch

Het is een serie plaatjes, waar we met z’n allen met de huidige moderne winningsmethoden in het Westen, wel eens bij stil mogen staan.

                                            

Die oproep wil ik dan in het bijzonder doen aan al die mopperaars, die de moderne (dagbouw-) mijnen hier in het Westen dicht willen hebben.



 Met gevolg dat, zolang we de (bruin- en/of steen)kolen nog nodig hebben, ze van elders gehaald zullen worden. 



De winning daar zal dan wellicht niet meer zo erbarmelijk aan toe gaan als op deze afbeeldingen.  Al zal het hier en daar misschien niet eens zo veel schelen......Zeker is wel, dat in een aantal landen nog steeds ook kinderen (ondergronds )
moeten werken……. 




(De afbeeldingen zijn allemaal afkomstig van de Facebookpagina "Bobs Minerslamp)

zondag 24 april 2016

Een stukje geschiedenis van de kolossale machines in de bruinkooldagbouw

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Zoals nu nog steeds hangt de economisch in dagbouw winbaarheid van bruinkool af van de dikte van het gesteente boven de bruinkoollaag


Onderstaand artikel uit  het tijdschrift “Glückauf” van 19 maart 1938  geeft een overzicht van de ontwikkelingen van de graafmachines en de methoden voor het afvoeren van deklaaggesteente en de invloed van deze ontwikkelingen op de economische winbaarheid.

Zo’n anderhalve eeuw terug, toen er nog veel handmatig gebeurde, kon de winning van bruinkool nog uit, wanneer de hoeveelheid weg te graven deklaag hooguit even groot was dan de hoeveelheid (bruin)kool.

Tegen de Eerste Wereldoorlog waren de machines al zodanig, dat de deklaag al twee keer zo dik mocht zijn en in 1938 was deze verhouding globaal genomen al gestegen tot 4 delen deklaag op 1 deel kolen. Wanneer de opbouw van de aardlagen zodanig gunstig was, dat men voor het afvoeren van het deklaaggesteente gebruik kon maken van “Abraumförderbrücken” kon de bruinkool bij een verhouding van 6 op 1 nog economisch worden gewonnen. 



Bron: "Glückauf" 19 mrt 1938 p. 242

donderdag 14 april 2016

....... (Bruin)kool op bankbiljetten .......

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Niet alleen postzegels, zoals te zien in een eerdere blog,  maar ook bankbiljetten werden gesierd door de machines en andere afbeeldingen van de bruinkoolwinning.

Rond 1920 gebeurde dat bijvoorbeeld op het noodgeld van de Duitse stad Bitterfeld. Er werden toen voor zowel 50 Pfennig als 75 Pfennig bankbeljetten uitgegeven met verschillende achterkanten.


Het 50 Pf biljet had zes verschillende achterkanten, waaronder een van de dagbouw met nog geheel nog handmatige winning, één met daarop een deel van een brikettenfabriek en een  achterkant, waarop de bruinkool voor een deel in dagbouw en voor een deel ondergronds wordt gewonnen.



Achterkant 50 Pf biljet met bruinkoolwinning in dagbouw

Winning deels in dagbouw, deels ondergronds

Kolenopslag bij de energiecentrale

Verlading van kolen voor de export


De voorkant van het 50 Pf biljet


Op één achterkant van het  75 Pf biljet  was de winning met een eimerkettenbagger en op een andere een kolencentrale te zien.

Voorkant van het 75 Pf biljet

Achterkant met een centrale

En met emmerketting-graafmachine


Op het 100 franc biljet van de Republiek Congo prijkt een emmerketting-graafmachine (Eimerkettenbagger),


op het 1000 francbiljet van Guinee een lepel-graafmachine (Löffelbagger)


 en het 20 000 dinar biljet van het toenmalige Joegoslavie laat het graafwiel van een emmerwiel-graafmachine (Schaufelrad bagger) zien.


Tenslotte laat ook het “monopoly-geld” van een effectenspel zich met een schaufelradbaggert op een 25 eurobiljet ook niet onbetuigd:


De afbeeldingen zijn afkomstig van verschillende "verkoopsites", zoals e-bay en marktplaats
 











maandag 14 maart 2016

Voorlopers van de huidige graafreuzen “Grossgeräte” uit de bruinkoolwinning uitgevonden door Leonardo DaVinci de Hollanders

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Wist U, dat de beroemde Italiaanse uitvinder Leonardo DaVinci rond 1492! mogelijk het eerste prototype van de “emmer-wiel-graafmachine” (Schauffelradbagger) heeft ontworpen?  
Zijn apparaat  bestond uit een wiel met daaraan vier armen  aan hun uiteinden een bak. Het geheel was, net als bij een catamaran, tussen twee drijvers gemonteerd. Met dit apparaat kon dan een kanaal of waterloop worden uitgebaggerd.
In plaats van drijvers konden ook twee (verrolbare) balken worden gebruikt, zodat er ook op land hiermee een geul gegraven kon worden. De aandrijving van het wiel gebeurde aanvankelijk geheel handmatig !! met een slinger.  Helaas is niet bekend of DaVinci’s ontwerp ook daadwerkelijk op deze wijze gewerkt heeft.

Emmer-wiel-graafmachine van DaVinci
Bron: From handdrag to jumbo a millennium of dredging Terra et Aqua – Number 77 – December 1999


De andere graafreus is de emmer-ketting graafmachine of “Eimer-ketten-bagger”

Ik weet niet of het DE voorloper was van de emmer-ketting graafmachines van de bruinkoolwinning was maar het was er wel één: de “Hollandse of Amsterdamse baggermolen” uit de zeventiende of Gouden Eeuw. Hij werd destijds in Nederland uitgevonden om de havens en kanalen in en rond Amsterdam op diepte te houden. Net als DaVinci’s machine werd aanvankelijk ook deze emmer-ketting-graafmachine geheel handmatig!!! bediend. Later werd de aandrijving door paarden of ossen gedaan.

Al spoedig werd er niet alleen met dit systeem gebaggerd of “ in den natte” ontgraven maar werd hij ook op land gebruikt voor het zogeheten  “in den droge” ontgraven”, Hierbij werden aanvankelijk ook de emmers elk met de hand!! gevuld, waarna ze aan de ketting omhoog werden getrokken om elders daar te worden leeg gekiept.. Later zouden de emmers, al over de grond schrapend en door hun eigen gewicht, “zelf vullend worden”. 

Een van de eerste emmer-ketting-graafmachines

Bron: From handdrag to jumbo a millennium of dredging Terra et Aqua – Number 77 – December 1999