Posts tonen met het label Absetzer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Absetzer. Alle posts tonen

zondag 5 juni 2016

Roofvogels en bruinkoolmachines

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans 

Ïk ben niet de enige: Er zijn er meer "die-wat-met-bruinkoolmachines-hebben" Slechtvalken bijvoorbeeld. Hier boven in de pilon van een “Bandewagen” (741 BRs 1200)  in de nu uit bedrijf zijnde bruinkoolwinning van  Cottbus-Nord heeft een paartje slechtvalken hun nest gebouwd en brengen zij daar hun jongen groot.

Bovenin de rechter pilon van de 741 BRs 1200 blijkt een paartje slechtvalken hun nest te hebben.
(Foto: Anne-Marie Oudejans mei 2016)

Van nature nestelen slechtvalken in ruig, open en rotsachtig terrein met steile rotspunten en hellingen. Maar zij voelen zich ook volkomen thuis op industrieterreinen waar ze op hoog gelegen punten zoals schoorstenen hun nest te bouwen. Ook de hoogspanningsmasten zijn hiervoor in trek Als de omgeving maar open en ruig is. Zoals bijvoorbeeld in Tagebau Cottbus-Nord…..


Het slechtvalkennest is goed zichtbaar(Foto: Anne-Marie Oudejans mei 2016)


Ze leven van andere vogels, zoals duiven, die ze in volle vlucht “gewoon uit de lucht plukken”. Ze duiken daarvoor met een duizelingwekkende snelheid  van soms wel 389 km/uur!!!! steil naar beneden om zo hun prooi te “slaan”


Drie jonge nog bruinkleurige slechtvalken bij hun nest(Foto: Anne-Marie Oudejans mei 2016)



Het uit bedrijf zijn van de bruinkoolwinning, zoals het geval is in Cottbus Nord,  is geen voorwaarde voor de slechtvalken om te nestelen.. Ook in de volop in bedrijf zijnde bruinkoolwinningen  ‪‎Garzweiler en ‪‎Hambach zijn er nesten van deze dieren Ook hier kiezen de vogels domicilie boven in de pilonen of bij de contragewichten van de machines.

Een dergelijk nest, waarvan ik ook denk dat het van een slechtvalk is,  heb ik boven in de ‪‎Absetzer  "Gemini" van ‪Ferropolis gefotografeerd.


Het nest in de Absetzer "Gemini"  Ferropolis
(Foto Anne-Marie Oudejans apr. 2016)


Detailopname slechtvalkennest Absetzer Gemini Ferropolis
(Foto Anne-Marie Oudejans apr. 2016)




vrijdag 27 mei 2016

Absetzers; de “ondergeschoven kindjes” van de bruinkoolwinning…

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Op afstand lijken "Absetzers" net buitenaardse wezens ( 1107 A2Rs-B 18 000.120 Welzow-Süd, eigen foto)

 In de meeste publikatie’s, filmpjes en fotoseries over de bruinkoolwinning gaat de aandacht meestal alleen uit naar de reusachtige graafmachines en soms naar een F-60 transportbrug of een aandrijfstation voor de lopende banden. Absetzers zie je maar zelden. Blijkbaar zijn zij voor de meeste fotografen  slechts “ondergeschoven kindjes”

De Absetzer kreeg door de opstijgende en trillende warme lucht een nog mysterieuzer uitstraling ( 1107 A2Rs-B 18 000.120 Welzow-Süd, eigen foto)

Maar naast de graafmachines zijn die zogeheten “Absetzers” of “spreaders” in feite net zo belangrijk. Immers je moet het afgegraven deklaaggesteente ook weer ergens kwijt en zonder zo’n Absetzer wil dat niet zo best. Afgezien van het feit, dat F-60’s  slechts bij een bepaalde opbouw van de af te graven aardlagen toepasbaar zijn is voldoet een enkel en alleen maar gebruiken van een F-60  meestal ook niet. Al was dat alleen maar om ervoor te zorgen, dat de vruchtbare bovenlaag bij het terugstorten ook weer netjes bovenop komt te liggen.


Verbindingskabels tussen de vaste- en de beweegbare piloon ( 1107 A2Rs-B 18 000.120 Welzow-Süd, eigen foto)

 Ze staan meestal wat achteraf opgesteld en ze zijn veel minder massief dan de gravers of transportbruggen. Waarschijnlijk daardoor vallen ze minder op en komen ze minder in beeld. 


Het kraantje "achterop" ( 1107 A2Rs-B 18 000.120 Welzow-Süd, eigen foto)

Door hun rank aandoende pilonen en hun lange transportarmen zijn zij in de verte net rondschuimende buitenaardse wezens. In werking zijnd werpen zij uit de langste transportarm het deklaaggesteente met een sierlijke boog af en die boog lijkt dan net een tong.

De afgeworpen aarde lijkt wel de tong van een buitenaards wezen ( 1107 A2Rs-B 18 000.120 Welzow-Süd, eigen foto)






dinsdag 24 mei 2016

I want you, I want you

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Al enkele kilometers vóór Welzow klonk dit liedje van Bob Dylan’s al in mijn hoofd; het liedje uit het reclamefilmpje van de Spoorwegen, waarin een trein met onweerstaanbare lokroep een kind aantrekt.

Nog vóórdat we naar ons vakantiehuisje gingen, reden we eerst naar het uitzichtpunt, dat voor twee weken “ons” uitzichtpunt bij “onze” bruinkoolwinning zou zijn. Ik zag het al helemaal zitten: Koffiedrinkend aan de picknicktafel kijken-naar-wat-er-onderin-allemaal-gebeurt. 
Dat is één van de voordelen van het pensionado zijn: Je moet niet meer maar je mag…..
Uitzichtpunt Tagebau Welzow-Süd


 Maar al spoedig zou blijken, dat de apparaten hun lokroep duidelijk hebben uitgebreid met een “Maar jijzelf zal hierbij ook wat voor moeten doen”. De groeve zelf was namelijk al een aardig eind van het uitzichtpunt “weggewandeld” .
Behalve een stuk van de F-60, op grote afstand  een Schaufelradbagger en nog veel verder weg twee Absetzers wars er maar weinig van de apparaten te zien. 


Toen wij er waren, stonde de "Grossgeräte" op grote afstand van het uitzichtpunt

We zagen voornamelijk het uitgestrekte terrein van de zogeheten “Verkipping”. Dat is het gebied, waar de kolen al zijn afgegraven en waar het afgegraven deklaaggesteente weer wordt teruggestort.

De "Verkipping" waar het afgegraven deklaaggesteente wordt teruggestort

Maar een telelens en het uitvergroten van fotodelen doen wonderen en kregen we vast een klein voorproefje van hetgeen we de volgende twee weken in het echt, van dichtbij te zien zouden krijgen. 


F-60 Welzow-Süd

Later bleek dat – verderop in een bosrand vlakbij het centrum van Welzow, - tussen de takken en bomen door er wel een direct zicht was op de groeve zelf met daar onderin dus de kolenlaag.
Vanwege de hinderlijke takken en bladeren van bomen en struikgewas, moest ik op de grond haast plat op mijn buik om deze foto's te nemen,
Het kostte mij wat moeite maar toen had ik ook wat


Het direct in de groeve weer terugstorten van deklaaggesteente door de F-60

Hier was goed te zien hoe de reusachtige transportbrug of "F-60" het afgegraven deklaaggesteente weer terug stort op twee plaatsen, direct aan de andere kant van de groeve, waar de kolen al zijn afgegraven. 


Eimerkettenbagger Es 3750


Voor het afgraven van het deklaaggesteente zijn er aan de F-60 twee emmerketting-graafmachines gekoppeld van het type Es 3750. "Es" betekent Emmerkettenbagger schwenkbar Het getal 3750 geeft aan dat één "emmer" van de reeks graafemmers een inhoud heeft van 3750 liter


Detailopname van de middelste uitstroomopening  van de F-60 voor deklaaggesteente

De eerder genoemde "losse" graafmachine veel verderop, graaft de vruchtbare bovenlaag af, die met transportbanden naar de verderop staande Absetzers" of spreiders wordt gevoerd. Op deze manier wordt er voor gezorgd, dat de vruchtbare bovenlaag uiteindelijk ook weer helemaal bovenop de rest van het tgeruggestortte  aardlagen komt te liggen.

De graafmachines voor de kolen waren op de uitzichtpunten niet echt goed te zien. Op de onderste foto steekt er onderaan één net boven de rand uit.


  




zondag 24 april 2016

Een stukje geschiedenis van de kolossale machines in de bruinkooldagbouw

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Zoals nu nog steeds hangt de economisch in dagbouw winbaarheid van bruinkool af van de dikte van het gesteente boven de bruinkoollaag


Onderstaand artikel uit  het tijdschrift “Glückauf” van 19 maart 1938  geeft een overzicht van de ontwikkelingen van de graafmachines en de methoden voor het afvoeren van deklaaggesteente en de invloed van deze ontwikkelingen op de economische winbaarheid.

Zo’n anderhalve eeuw terug, toen er nog veel handmatig gebeurde, kon de winning van bruinkool nog uit, wanneer de hoeveelheid weg te graven deklaag hooguit even groot was dan de hoeveelheid (bruin)kool.

Tegen de Eerste Wereldoorlog waren de machines al zodanig, dat de deklaag al twee keer zo dik mocht zijn en in 1938 was deze verhouding globaal genomen al gestegen tot 4 delen deklaag op 1 deel kolen. Wanneer de opbouw van de aardlagen zodanig gunstig was, dat men voor het afvoeren van het deklaaggesteente gebruik kon maken van “Abraumförderbrücken” kon de bruinkool bij een verhouding van 6 op 1 nog economisch worden gewonnen. 



Bron: "Glückauf" 19 mrt 1938 p. 242

dinsdag 22 maart 2016

Postzegels en bruinkool

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Niet alleen voor fotografen en tekenaars zijn de grote machines of van de bruikoolwinning geliefde onderwerpen.

Ik ontdekte dat deze “Grossgeräte” meerdere keren de posterijen van verschillende landen inspiratie hebben gegeven om ze op postzegels af te beelden.

Meestal waren dat dan de emmer-wiel-graafmachines of “Schaufelradbagger”, die de postzegel sierden.



Postzegels met Schauffelradbagger,
(Overigens heeft de postzegel van Suriname hoogst waarschijnlijk betrekking op de bauxietwinning aldaar
)


Dat ook de overige “Grossgeräte” aan bod kwamen wordt wel bewezen door de zegels hieronder met daarop een spreider of “Absetzer” een emmer-ketting-graafmachine (Eimer-ketten-bagger) en helemaal rechts een lepelgraafmachine of “Löffelbagger”
Op de onderste postzegel staat een transportbrug compleet met extra toevoer (Förderbrücke met Zubringer)





zondag 31 januari 2016

Forderbrücken

Ing. Anne-Marie T.M. Oudejans

Om bij de "kolenlaag" te komen moeten er eerst de bovenliggende lagen gesteente (deklaag of “Abraum)  worden weggegraven en weggezet. Dit laatste kan op meerdere manieren gebeuren, zoals met een speciaal groot soort vrachtwagens of "kippers". In het Rheinische Braunkohlenrevier bij Aken voert men dit afgegraven gesteente met transportbanden eerst naar een soort schakelstation en daarna naar de afzetters of spreiders (Absetzers), die dit materiaal elders weer storten.

Een andere methode werkt met zogeheten (Abraum)Forderbrücken. Dit zijn mobiele transportbruggen, die over de gehele ontgraving heen gaan en zich in zijn geheel kunnen verplaatsen. Aan de ene zijde zijn zij direct verbonden met één of meer graafmachines en aan de andere zijde zijn zij voorzien van een verlengstuk met meerdere afzetters (Absetzer). De bruggen zijn daarbij zo hoog, dat zij totaal geen belemmering vormen bij het verder afgraven van de kolenlaag zelf.

Bron 70 Jahre Forderbrücken in der Lausitz pag. 4

Het gesteente komt bij het afgraven direct via een lopende band uit de graafmachine op de volgende de lopende band, die van de brug, en gaat zo rechtstreeks over de hele ontgraving heen naar de overkant, waar het materiaal via door een laatste (afzet)band  naar en door de afzetters weer gelost wordt. Al in 1924 is men bij Plessa in het oosten van Duitsland met deze werkwijze begonnen.


Deze methode heeft inmiddels geleid tot de transportbrugsystemen van nu. Met  een lengte van ca 300 meter worden deze bruggen wel “liggende Eiffeltorens”. Bij de lengte van de brug zelf plus de hier direct aan vastzittende afzetter van bijna 200 m , kunnen deze in totaal ca 500 meter lange installaties tot de grootste machines ter wereld worden gerekend, als ze al niet de grootste zijn.




Bij deze vergelijking met de Eiffeltoren is de bijdrage van de graafmachines nog niet eens meegerekend
Bron: "Besucherbergwerk F-60"


Bijgaande link geeft toegang tot het document  “70 Jahre Forderbrücken in der Lausitz” dat eind 1994 is uitgegeven door het Lausitzer Braunkohlen Aktiengesellschaft , met daarin uitgebreid de gehele ontwikkelingsgeschiedenis van deze reuzen.


70 jaar "Förderbrücken in het Duitse Lausitz



Bron foto Wikimedia commons.
Forderbrückesysteem van de Tagebau Nochten .Links de (emmer-ketting)graafmachines en rechts het afzetterssysteem
Onder de brug in het midden  doet een eveneens reusachtige graafmachine in de kolenlaag zijn werk.

(Afbeeldingen in deze blog kunnen worden vergroot, door hierop te klikken)